(Of: waarom ik knettergekke ouders heb.)
(Of: als je toch lekker aan het bloggen bent na een lange stilte, waarom dan geen twee blogs achter elkaar om het goed te maken?)

Voor alle nieuwe mensen die hier binnen komen stromen even een open deur: ik schrijf. Als ik een week lang niet heb geschreven ben ik erg inspiratieloos, heb ik een maand niet geschreven dan ben ik waarschijnlijk ernstig ziek. En wat schrijf ik dan? Alles behalve songteksten, eigenlijk. Dus, poëzie, proza, blogs(dúh), tweets, tegenwoordig zelfs weer RPG, dus alles waar geen noten aan vastzitten.
Hoe schrijven de meeste schrijvers? Nou, niemand schrijft direct een goed verhaal, het kost even tijd. Hoe ik schrijf, is dat ik een verhaal schrijf, dat opstuur naar een vriend of vriendin(mijn ‘Bètareader’) en als ik het terugkrijg met commentaar pas ik het aan. Nou, twee of drie dagen terug was ik bezig met het aanpassen van een Engelstalig verhaal dat ik hoop ergens eind augustus of september te posten. En wat merkte ik aan mezelf? Ik was kritischer. Véél kritischer dan dat ik normaal gesproken van mezelf gewend ben. En wat vond ik het leuk.

Als ik kijk naar het vorige verhaal waar ik zo met de schop doorheen ben gegaan, is dit wel een enorme vooruitgang. Dat verhaal heette I Never en was eigenlijk Love Actually/Alles Is Liefde in verhaalvorm. Zes verschillende plotlijnen. Een interessant concept, maar ik had een aantal reviewers die behoorlijk kritisch waren en de plotlijnen soms gewoon veel te zwak vonden. Eén was zelfs afgehaakt.
Ik kan natuurlijk niet spreken voor dit verhaal, maar toen ik I Never had doorgelezen was ik ook een stuk minder kritisch. Het was al twee jaar lang aan de gang en ik was het een beetje zat, dat kan hebben meegespeeld in dat ik het enigszins heb afgeraffeld. Maar persoonlijk denk ik dat er nog iets anders meespeelt.
Ik ben nu veel meer met het schrijven in kwestie bezig.

Dat klinkt raar, maar laat me het uitleggen. Twee blogs geleden – eind december dus – deed ik maar wat en oefende ik op die manier mijn vertelkunsten. Ik schreef one-shots, lange verhalen, gedichten, enzovoorts.
Dat doe ik nu ook. Maar wat is het verschil? Nou, naast dat oefenend schrijven lees ik ook boeken over schrijven, en luister ik dagelijks naar een schrijf-podcast met tips over een bepaald onderwerp. En verdorie, dat helpt wel enorm. De tips die ik krijg nestelen zich vanzelf wel in mijn hoofd, en ze zijn makkelijk te onthouden – ik verwerk ze nu zoveel mogelijk in mijn verhalen, en die worden daar ook alleen maar beter door.
Een voorbeeld is dat het verhaal dat ik nu aan het aanpassen ben(‘editten’, zoals ik dat noem) gedeeltelijk over een maffiabaas gaat (Het plot verklap ik lekker niet, gnagna). En in de oorspronkelijke versie is het een heel cliché vijand voor mijn hoofdpersoon die met zijn vijanden speelt en houdt van chaos, enzovoorts.
Wat heb ik van de podcast, waar ik dagelijks naar luister, begrepen? ‘Don’t tell your villain he’s the villain. He’s the protagonist of his own story’. (Ja, het is een Engelse podcast) En ik kijk nog eens naar mijn verhaal, en inderdaad, de maffiabaas is gewoon niet overtuigend. Ik moet nog beginnen met aanpassen, maar daar kan ik dus stevig met de schop doorheen, en die maffiabaas moet een stuk geloofwaardiger worden. Iedereen is de held van zijn eigen verhaal, en de vijand ook. En het is eigenlijk best leuk aan het worden, zo kritisch zijn. Grappig: vroeger had ik echt een enorme hekel aan editten, maar nu kan ik mijn lol gewoon niet op!

Ik luister trouwens niet alleen naar podcasts en ik lees ook niet alleen maar boeken. Ik heb net een cursus spannend schrijven in Voorburg(eindje weg, maar gezellige mensen) afgerond, waar ik ook heel veel heb geleerd. Dingen als ‘show, don’t tell’, bijvoorbeeld, of actief beschrijven. Dacht dat ik er niets zou leren, maar daar zat ik héél erg naast. En daarbij heb ik ook een uitgave van een tijdschrift gekregen genaamd Schrijven Magazine, voor debutanten.
Mijn moeder wilde die eens lezen, dus heb ik die in alle onschuld aan haar gegeven. Twee uur later krijg ik een mail van haar dat ze een abonnement voor me heeft geregeld voor het komende jaar, als cadeautje voor het halen van m’n P.
Ik heb knettergekke ouders. Wat heerlijk :’) En daarbij gelijk ook een tweede boek over schrijven(‘De Schrijfbijbel’) waar ik me ook nog eens in kan verdiepen.
Moraal van het verhaal? Als je wilt schrijven is schrijven alleen niet genoeg. Verdiep je er echt helemaal in, want het is héél belangrijk dat je leert wat andere mensen graag lezen.

De podcast waar ik het over heb is te vinden op www.writingexcuses.com. Drie(of vier, in latere seizoenen) bekende schrijvers, waarvan één de schrijver van de laatste boeken van het Rad des Tijds, praten in het Engels over bepaalde onderdelen van het schrijven en wat het beste werkt. Vijftien minuten lang, want jij hebt haast en zij zijn niet zo slim. (Nee, die tagline werkt toch beter in het Engels) Ben me momenteel door de eerdere seizoenen aan het werken en zit bij seizoen drie – ze updaten elke zondag en zitten momenteel bij seizoen acht, dus ben nog wel even zoet.

De twee boeken zijn dus De Schrijfbijbel van TenPages.com(in alle eerlijkheid, ik moet er nog in beginnen…) en How Not To Write A Novel van Sandra Newman & Howard Mittelmark. De eerste is in het Nederlands, de tweede in het Engels. Het tweede boek is hilarisch en behulpzaam, en daar leer je ook heel veel van als je niet dubbel ligt van de lach. (En soms zelfs dan!)
Het tijdschrift is Schrijven Magazine. Wordt in Amsterdam gemaakt en is landelijk: elke twee maanden een nieuw blad, 36 euro per jaar.
Allemaal zeker aan te raden als je met schrijven wilt beginnen en er net zo serieus over bent als ik, want je leert er echt heel veel van.

Wat trouwens ook mee kan spelen, is dat ik de laatste zes maanden alleen in het Nederlands en niet in het Engels geschreven heb, trouwens, waardoor ik misschien ook meer op moedertaalniveau naar het Engels kan kijken… maar daar gaat het niet over nu, toch? =P

En, zitten er nog schrijvers met veel ambitie tussen de lezers van dit blogje?

Advertenties